In deze groep liepen ruim 600 mannen uit Putten mee.  Foto: NIOD/Kamp Amersfoort

In deze groep liepen ruim 600 mannen uit Putten mee. Foto: NIOD/Kamp Amersfoort

PUTTEN - Dat er op 2 oktober 1944 een groep van 659 mannen uit Putten werd weggevoerd, is bij veel mensen wel bekend. Maar dat er tijdens de Razzia van Putten ook zeven mensen zijn neergeschoten, waaronder een vrouw, weten er minder. Onterecht, vindt historicus Evert de Graaf. "Zij horen er net zo goed bij, het zijn de eerste slachtoffers van de razzia."

Jansen van den Bor, Hendrik Kraai, Jan Stoffelsen, Hendrik van den Pol, Pieter Dubbeldam, Hendrikus Ribbink en Hendrika van Beek. Dat zijn de zeven namen van de eerste razziaslachtoffers. De zwaargewond geraakte Barend Verhoef, een vriend van Hendrik Kraai, heeft het drama overleefd. "Het zijn namen die bij veel Puttenaren niet bekend zijn", zegt historicus De Graaf. "Van de Puttenaren die weggevoerd zijn, weten we meer. Vooral de 48 teruggekeerden hebben een heel kampleven achter de rug. Er zijn verschillende dossiers over hen opgesteld."

Maar dat geldt dus niet voor de zeven neergeschoten Puttenaren. "Toen de Duitsers in oktober 1944 de Puttense razzia uitvoerden, omsingelden ze het dorp met zo'n tweeduizend militairen van de Wehrmacht. Daarna ging de bezetter de huizen langs om de bewoners op te halen." Op sommige plekken sloegen dorpelingen op de vlucht voor de Duitsers. "En op die plekken zijn mensen 'auf der Flucht erschossen', zoals dat in officiële documenten staat", zegt de historicus. "Dat is er met het zevental gebeurd. Eigenlijk zijn het de 'vergeten' slachtoffers van de razzia."

Hendrika van Beek is het enige vrouwelijke slachtoffer van de Razzia van Putten. De vader van Evert de Graaf zag haar overlijden voor zijn ogen gebeuren. De tekst gaat daaronder verder.

Herdenking

Zaterdagavond vindt om 19.00 uur de herdenking van de Razzia van Putten plaats. De dienst met kranslegging is bij monument 'Het vrouwtje van Putten' en is live te volgen op gld.nl

Onafhankelijke kranten

De Graaf staat bekend als 'historicus van Putten' en weet veel van de razzia én de slachtoffers af. Dat er zo weinig over de zeven neergeschoten Puttenaren bekend is, zit hem nog altijd niet lekker. "Ik heb geprobeerd achter de geschiedenis te komen van deze mensen, maar dat is heel lastig. Dat heeft meerdere oorzaken", gaat hij verder. "Vroeger was het not done om je verhaal publiekelijk te vertellen. Dat deed je als nabestaande gewoon niet."

"Daarnaast waren er geen onafhankelijke kranten in 1944, want die waren al enige jaren verboden. Wel werd er in ons dorp gevent met de NSB-krant ‘Volk en Vaderland’, maar die schreef niet over de razzia en al de slachtoffers. In de illegale kranten als Trouw, Het Parool en De Waarheid werd later wel enige aandacht aan de razzia besteed."

Het ging voornamelijk over de mannen die het overleefd hebben

"De zeven neergeschoten slachtoffers behoren niet tot de groep mannen die zijn weggevoerd en dus is er ná de oorlog eveneens heel weinig over hen gepubliceerd. Het ging voornamelijk over de mannen die het overleefd hebben. Wat tegenwoordig meespeelt is de privacywetgeving, waardoor bijvoorbeeld de gemeente ook niet zomaar nieuwe informatie vrij kan geven."

Zaterdagavond vindt de 78ste herdenking van de razzia plaats. Ook het zevental zal daarbij herdacht worden. "In totaal zijn er 552 mensen overleden als gevolg van de razzia. Daaronder vallen ook deze zeven eerste slachtoffers van de razzia", sluit De Graaf af.

Wat gebeurde er tijdens de razzia van Putten?

In de nacht van 30 september op 1 oktober beschoten leden van de Puttense verzetsbeweging bij de Oldenallerbrug tussen Putten en Nijkerk een auto met officieren van de Wehrmacht. Daarbij kwam een Duitse officier om het leven. Een dag later volgde een wraakactie.

Iedereen die op Puttens grondgebied aanwezig was, werd opgepakt. Vrouwen en kinderen werden opgesloten in de Oude Kerk. De mannen zijn opgesloten in de Openbare Lagere School, die tot 1953 op het Marktplein stond. De bezetter sloot de ruim dertig mannelijke ‘Todeskandidaten’ op in een van de ruimtes van de Eierhal.

Op zondagavond 1 oktober 1944 tegen ongeveer 20.00 uur zijn de vrouwen en de kinderen vrijgelaten en werden de 659 mannen vanuit de school overgebracht naar de Oude Kerk, waar ze een zeer onrustige nacht hebben doorgebracht. Ook dominee C.B. Holland verbleef daar die nacht.

Op maandagochtend, na een gebed van ds. Holland en het zingen van twee coupletten van psalm 84, verzen 3 en 4, werden de mannen lopend afgevoerd naar het station van Putten en vervolgens van 2 tot 11 oktober in Kamp Amersfoort opgesloten. Daarna is het merendeel van de mannen in concentratiekamp Neuengamme terechtgekomen. Van daaruit werden ze verdeeld over andere (sub)kampen. Slechts 48 van hen overleefden uiteindelijk de oorlog.

In 2011 hebben drie slachtoffers, Jansen van den Bor, Hendrik Kraai én Hendrika van Beek, een grafsteen gekregen, onder meer mogelijk gemaakt door Stichting Oktober 44. Op de foto de graven van Van den Born en Van Beek. - Foto: Omroep Gelderland

Deel dit artikel